Een cv-ketel heeft doorgaans een vermogen van 11.000 tot 30.000 watt, oftewel 11 tot 30 kilowatt (kW). Welk vermogen je nodig hebt, hangt af van het type woning en de oppervlakte. Een te klein vermogen betekent dat je huis niet goed warm wordt; een te groot vermogen is onnodig duur in aanschaf en werkt minder efficiënt.
Hoeveel watt cv-ketel heb je nodig per woningtype?
Als vuistregel geldt dat het benodigde vermogen van je cv-ketel sterk afhangt van hoe groot en geïsoleerd je woning is. Hier is een overzicht per woningtype, gebaseerd op gangbare richtlijnen in de installatiebranche:
| Woningtype | Benodigd vermogen |
|---|---|
| Appartement | 11.000 tot 23.000 watt (11-23 kW) |
| Tussenwoning | 16.000 tot 28.000 watt (16-28 kW) |
| Hoekwoning | 16.000 tot 30.000 watt (16-30 kW) |
Een vrijstaande woning of een grote twee-onder-een-kapwoning heeft over het algemeen een nog hoger vermogen nodig, vaak richting 30 kW of meer. Dat komt doordat er meer buitenmuren zijn die warmte weglekken.
Watt of kilowatt: wat betekent het in de praktijk?
Fabrikanten vermelden het vermogen van een cv-ketel altijd in kilowatt (kW). Eén kilowatt is gelijk aan 1.000 watt. Een ketel van 24 kW levert dus 24.000 watt aan warmte. Dat klinkt indrukwekkend, maar een cv-ketel draait zelden continu op vol vermogen. In de praktijk moduleert een moderne HR-ketel mee met de vraag: hij schakelt zichzelf terug als minder warmte nodig is.
Dit is ook waarom een te grote ketel nadelig kan zijn. Een ketel die constant op een fractie van zijn maximumvermogen draait, schakelt vaker aan en uit. Dat heet “korte cyclussen” en zorgt voor meer slijtage en een lager rendement.
Hoe bereken je het juiste vermogen?
Een ruwe berekening is: vermenigvuldig het aantal verwarmde vierkante meters met een factor van 50 tot 100 watt per m², afhankelijk van de isolatie. Concreet:
- Goed geïsoleerde woning (na 2000 gebouwd): circa 50 watt per m²
- Gemiddeld geïsoleerde woning: circa 70 watt per m²
- Slecht geïsoleerde woning (voor 1975, geen spouwmuurisolatie): circa 100 watt per m²
Rekenvoorbeeld: een tussenwoning van 120 m² met gemiddelde isolatie heeft dan ongeveer 120 x 70 = 8.400 watt nodig voor verwarming. Maar een cv-ketel levert ook warm tapwater, en daarvoor heb je piekvermogen nodig. Dat verklaart waarom de uiteindelijke ketel in de praktijk op 20 tot 24 kW uitkomt, zelfs als de verwarmingsbehoefte lager ligt.
Warm tapwater vraagt extra vermogen
Een combiketel, de meest voorkomende ketel in Nederlandse woningen, verwarmt zowel de radiatoren als het kraanwater. Voor comfortabel douchen heb je een pieklevering van minstens 10 tot 14 liter warm water per minuut nodig. Dit tapwatervermogen is vaak de doorslaggevende factor bij het kiezen van de ketelgrootte, niet de verwarming zelf. Heb je een groot gezin of meerdere badkamers, dan kies je eerder voor een ketel aan de bovenkant van het bereik voor jouw woningtype.
Wanneer is een groter vermogen juist niet verstandig?
Heb je je woning goed geïsoleerd, of ben je van plan dat te doen? Dan volstaat vaak een ketel aan de onderkant van het bereik. Een installateur die alleen naar de oppervlakte kijkt zonder de isolatiewaarde mee te nemen, adviseert soms onnodig een groot toestel. Laat bij twijfel een warmteverliesberekening maken. Dat is een berekening waarbij een erkend installateur de specifieke eigenschappen van jouw woning doorrekent. Het kost wat tijd, maar voorkomt dat je jarenlang te veel stookt of te weinig warmte hebt.
Het vermogen van je cv-ketel uitdrukken in watt of kW is nuttig om ketels met elkaar te vergelijken, maar uiteindelijk bepalen je woningtype, isolatieniveau en warm-watergebruik samen welk vermogen echt bij jou past. De bandbreedte van 11 tot 30 kW dekt de meeste Nederlandse woningen, met het zwaartepunt rond de 20 tot 24 kW voor een gemiddelde twee-onder-een-kapwoning of rijtjeswoning.
