Een radiator vermogen tabel laat zien hoeveel watt je nodig hebt per kubieke meter of vierkante meter ruimte, afhankelijk van isolatie, raamoppervlak en de gewenste kamertemperatuur. Als vuistregel geldt: reken voor een gemiddeld geïsoleerde ruimte met een plafondhoogte van 2,5 meter op ongeveer 50 tot 75 watt per vierkante meter vloeroppervlak. Voor een slecht geïsoleerde kamer loopt dat op tot 100 watt of meer per vierkante meter.
Hieronder vind je de tabel die je direct kunt gebruiken, plus uitleg over hoe je de waarden correct toepast op jouw situatie.
Radiator vermogen tabel per vierkante meter
De waarden in onderstaande tabel zijn gebaseerd op een standaard plafondhoogte van 2,4 tot 2,6 meter en een gewenste ruimtetemperatuur van 20 graden Celsius. Het vereiste vermogen stijgt naarmate de isolatie slechter is of het raamoppervlak groter.
| Type ruimte / isolatieniveau | Benodigd vermogen per m² |
|---|---|
| Goed geïsoleerd (na 2000, vloer-, muur- en dakisolatie) | 40 tot 55 watt |
| Gemiddeld geïsoleerd (spouwmuurisolatie, HR-glas) | 55 tot 75 watt |
| Matig geïsoleerd (enkel glas of geen vloerisolatie) | 75 tot 100 watt |
| Slecht geïsoleerd (voor 1980, weinig tot geen isolatie) | 100 tot 130 watt |
| Badkamer | 90 tot 120 watt |
| Slaapkamer (lagere streeftemperatuur, 16 tot 18 graden) | 35 tot 50 watt |
Heb je een kamer van 20 vierkante meter met gemiddelde isolatie? Vermenigvuldig dan 20 met 65 watt (middenwaarde) en je komt op 1.300 watt. Kies dan een radiator van minimaal 1.300 watt, of twee radiatoren die samen dat vermogen halen.
Hoe gebruik je de tabel stap voor stap?
Het juiste vermogen vind je in drie stappen. Begin met meten, bepaal daarna je isolatieniveau en lees dan de bijbehorende waarde af.
- Stap 1: meet de vloeroppervlakte. Lengte keer breedte van de ruimte, in vierkante meters.
- Stap 2: schat het isolatieniveau. Kijk naar het bouwjaar, het type glas (enkel, dubbel, HR++) en of er muur- of vloerisolatie aanwezig is.
- Stap 3: vermenigvuldig. Neem de vloeroppervlakte en vermenigvuldig die met de waarde uit de tabel die bij jouw isolatieniveau past.
Twijfel je tussen twee categorieën? Kies dan de hogere waarde. Een radiator die iets te groot is, regelt de thermostaat automatisch naar beneden. Omgekeerd, een radiator die net te klein is, haalt de gewenste temperatuur nooit en draait constant op vol vermogen.
Correctiefactoren die het benodigde vermogen beïnvloeden
De tabel geeft een goede basis, maar een paar situaties vragen om een correctie omhoog of omlaag.
- Grote raampartijen: ramen geleiden warmte veel sneller af dan een geïsoleerde muur. Tel bij elke vierkante meter glas (enkel of dubbel) ruwweg 80 tot 100 extra watt op bij het totaal.
- Hoekruimte of buitenhoek: een kamer met twee buitenmuren heeft meer warmteverlies. Houd rekening met 10 tot 15 procent extra vermogen.
- Hoge plafonds: bij een plafondhoogte boven 3 meter reken je beter met volume dan met oppervlakte. Gebruik dan 15 tot 20 watt per kubieke meter als richtlijn voor goed geïsoleerde ruimtes.
- Zolder of kelderkamer: direct grenzend aan een onverwarmde ruimte? Reken dezelfde correctie als bij een buitenmuur: 10 tot 15 procent extra.
Wat als de plafondhoogte afwijkt?
Bij een plafondhoogte van 2,4 meter klopt de tabel goed. Bij hogere plafonds, zoals in veel oudere woningen met 3 meter of meer, stijgt het benodigde vermogen merkbaar. Gebruik dan de vuistregel op basis van het volume: lengte x breedte x hoogte, en reken vervolgens 15 tot 25 watt per kubieke meter, afhankelijk van isolatie. Een kamer van 4 x 5 meter met een plafond van 3 meter is 60 kubieke meter. Bij gemiddelde isolatie kom je dan op 60 x 20 = 1.200 watt minimaal.
Vermogen op het label: wat betekenen de cijfers?
Radiatorfabrikanten vermelden het vermogen vaak onder twee condities: de Delta T 50-waarde (aanvoer 75 graden, retour 65 graden, ruimte 20 graden) en de Delta T 30-waarde (aanvoer 55 graden, retour 45 graden, ruimte 20 graden). Moderne verwarmingssystemen en warmtepompen werken op lage temperatuur. Het vermogen van een radiator bij Delta T 30 ligt ruwweg 40 tot 50 procent lager dan bij Delta T 50. Koop je een radiator voor een lagetemperatuursysteem, gebruik dan altijd de Delta T 30-waarde als maatstaf, anders onderschat je het benodigde formaat flink.
Controleer voor aankoop altijd welk temperatuurregime jouw verwarmingsinstallatie gebruikt. Die informatie staat in de handleiding van je cv-ketel of is op te vragen bij je installateur. Alleen dan gebruik je de tabel op de juiste manier en koop je een radiator die het werk echt aankan.
